130202-MijFocHe-Inbo-04
130202-MijFocHe-Inbo-01
130202-MijFocHe-Inbo-05
130202-MijFocHe-Inbo-15x
130202-MijFocHe-Inbo-19
130202-MijFocHe-Inbo-06
130202-MijFocHe-Inbo-12
130202-MijFocHe-Inbo-28
130202-MijFocHe-Inbo-29

130202-MijFocHe-Inbo-04
130202-MijFocHe-Inbo-01
130202-MijFocHe-Inbo-05
130202-MijFocHe-Inbo-15x
130202-MijFocHe-Inbo-19
130202-MijFocHe-Inbo-06
130202-MijFocHe-Inbo-12
130202-MijFocHe-Inbo-28
130202-MijFocHe-Inbo-29
previous arrow
next arrow

ALO locatie, Groningen

In opdracht van VanWonen en samen met Mei Architecten, Felixx Landscape deden we mee aan de tender voor de voormalige ALO locatie in Groningen. Het plan bevat zo’n 320 woningen en bijna 10.000 m2 commercieel programma. Felixx maakte het landschapsontwerp dat het plan op natuurlijke wijze verbindt met de Parkzone en de omliggende gebieden. Mei en VanEig ontwierpen het stedenbouwkundige plan met een uitgesproken karakter en de hoogwaardige
architectonische uitwerking ervan.

Ecologisch en stedelijk

De landschappelijke met ecologische zone aan de ene kant en de stedelijke ligging van de locatie aan de andere zijden, biedt uitgesproken kansen voor een plan dat herkenbaar verbonden is met de omliggende natuur én sterk verankerd is in het aangrenzende stedelijk weefsel. Wij maken het gebied met een fijnmazig routenetwerk doorwaadbaar en toegankelijk voor bewoners, gebruikers en bezoekers.

Bewegen en ontmoeten

De woningen liggen rond een gezamenlijk grote tuin. In de tuin zij verschillende plekken gemaakt; voor bloemen en platen, voor dieren en voor mensen. Rond de tuin liggen trappenhuizen zichtbaar en herkenbaar. Het stimuleert de bewoners tot het nemen van de trap. De overige ontsluiting is ruim gedimensioneerd, waardoor het prettig is om elkaar te ontmoeten en een praatje te maken.

Duurzaam en architectonisch

De architectuur wordt gekarakteriseerd door de specifieke handschriften van de twee architectenbureaus die elk op eigen wijze de delen van het ensemble vormgeven. De blokken van Mei architecten zijn grotendeels ontworpen in houtbouw. De toren aan de Laan Corpus den Hoorn toornt boven alles uit en de urban villa’s staan robuust in het groen.

Ritmiek op blokniveau

Het startpunt van onze beeldkwaliteit is de welstandsnota van Groningen, die de locatie in de wijk Corpus den Hoorn in het hoofdstuk stempel- en strokenbouw van de jaren ’50 plaatst. De nota beschrijft de kwaliteiten van de naoorlogse architectuur(het lijnenspel, de ritmiek op blokniveau) en vraagt eigentijdse kwalitatieve aanvullingen (hoogwaardige details, transparantie, representativiteit, sterke identiteit, menselijke schaal, aantrekkelijke plint). Deze thema’s hebben ons geïnspireerd en onze architectuur verrijkt.

Kleine toren

Aan de Van Swietenlaan worden de lange lijnen van de laagbouw onderbroken door palazzo-achtige blokjes met een plint, middendeel en bekroning. De negende laag van de toren voor de sociale woningbouw met rondom balkons koppelt de schaal van dit gebouw aan de rest van de Van Swietenlaan. Deze toren heeft bij de landing op het maaiveld afgeschuinde hoeken die zorgen voor een prettige inbedding en een menselijke schaal aan het plein. Het geeft het blok bovendien een sculpturaal silhouet aan de rotonde.

Trappenhuis

De palazzo-achtige blokjes hebben dubbelhoge hoofdentrees die een waardige ingang naar de woningen vormen en transparant genoeg zijn om een doorkijk te geven naar de achterliggende, groene buurtkamer. De lichte trapportieken die uitkomen in de hoofdentree én in het binnenterrein maken het vanzelfsprekend om de trap te nemen en bieden ruimte voor toevallige ontmoetingen.

Stevig en transparant

De gehele plint is stevig en tegelijkertijd transparant vormgegeven. Hiermee wordt de Van Swietenlaan goed begeleid en krijgt de architectuur karakter. Grote ramen maken zowel de commerciële ruimtes als de fietsenstallingen zichtbaar. Het metselwerk bestaat uit twee kleuren, die mooi passen bij de architectuur uit de jaren vijftig, maar ook bij de nieuwbouw aan de Laan Corpus den Hoorn en op het terrein van het Martini Ziekenhuis. Door de kleur van de plint en de bovenbouw steeds om te wisselen krijgen de gebouwen hun eigen plek in het geheel.